Terug naar boven

Oordeel van het Verantwoordingsorgaan 2018

INLEIDING

Het Bestuur legt jaarlijks verantwoording af aan het Verantwoordingsorgaan over het gevoerde beleid en de naleving van de principes van goed pensioenfondsbestuur zoals bedoeld in het Besluit uitvoering Pensioenwet en de Wet verplichte beroepspensioenregeling van 18 december 2006.

Het Verantwoordingsorgaan is op grond van artikel 6, tweede lid, van het reglement van het Verantwoordingsorgaan, bevoegd om jaarlijks een oordeel te geven over:

a. Het handelen van het Bestuur aan de hand van het jaarverslag, de jaarrekening en andere relevante informatie, waaronder de bevindingen van de Raad van Toezicht;
b. Het door het Bestuur in het afgelopen kalenderjaar uitgevoerde beleid;
c. Beleidskeuzes die op de toekomst betrekking hebben;
d. De naleving van de Code Pensioenfondsen.

In dat kader deelt het Verantwoordingsorgaan zijn bevindingen, spreekt een oordeel uit over het handelen van het Bestuur in 2018 en doet een aantal aanbevelingen voor 2019.

TOTSTANDKOMING

Op donderdag 25 april 2019 heeft het Bestuur aan het Verantwoordingsorgaan verantwoording afgelegd over het in 2018 gevoerde beleid. Het Verantwoordingsorgaan heeft zich een oordeel kunnen vormen aan de hand van eigen waarnemingen, het conceptjaarverslag ABP 2018, en het conceptverslag Duurzaam en Verantwoord Beleggen 2018. Evenzeer heeft het Verantwoordingsorgaan de informatie uit gesprekken met de Raad van Toezicht, de externe accountant, de externe actuaris en de compliance officer van het Pensioenfonds bij zijn oordeel betrokken.

ALGEMEEN

In het oordeel van het Verantwoordingsorgaan over het handelen van het Bestuur over 2017 heeft het Verantwoordingsorgaan meerdere bevindingen en aanbevelingen gedaan aan het Bestuur.
Deze bevindingen en aanbevelingen zijn, gedurende het jaar, bij de verschillende gespreksonderwerpen en adviesaanvragen, onderwerp van gesprek geweest in de overlegvergaderingen van het Verantwoordingsorgaan met het Bestuur.

Ten aanzien van de bevindingen en aanbevelingen 2017 constateert het Verantwoordingsorgaan dat het Bestuur zich heeft ingespannen om de meeste van deze aanbevelingen te realiseren. Voor zo ver nodig komt het Verantwoordingsorgaan in dit oordeel terug op de aanbevelingen uit het eerdere oordeel over 2017.

Het Verantwoordingsorgaan spreekt zijn waardering uit voor het inhoudsrijke en heldere jaarverslag en de inzichtelijke jaarrekening 2018. Evenzeer spreekt het Verantwoordingsorgaan zijn waardering uit voor de wijze waarop het Bestuur zich gedurende het verslagjaar heeft ingespannen om de doelstellingen van ABP te realiseren. De door het Bestuur genomen initiatieven om het thema ‘de deelnemer centraal’ onder de aandacht te brengen worden van harte onderschreven.

Met ingang van 1 juli 2018 hebben 27 nieuwe leden een aanvang gemaakt met werkzaamheden in het Verantwoordingsorgaan; dit impliceert dat 21 leden van het Verantwoordingsorgaan al lid waren in de vorige periode (1 juli 2014 – 1 juli 2018). Met deze nieuwe samenstelling van het Verantwoordingsorgaan is er voldoende ‘historisch besef’ om te komen tot een weloverwogen oordeel over het handelen van het Bestuur over 2018.

Het nieuwe Verantwoordingsorgaan waardeert de wijze waarop het Bestuur zich inspant om het Verantwoordingsorgaan te betrekken bij de besluitvorming en bij de strategische ontwikkelingen. Met daarbij de kanttekening dat naar de mening van het Verantwoordingsorgaan op punten verbeteringen mogelijk zijn. Waar relevant worden deze punten in het oordeel benoemd. In lijn met het vorige Verantwoordingsorgaan onderstreept ook het nieuwgekozen Verantwoordingsorgaan het blijvende belang van een open, kritisch en constructief overleg tussen Bestuur en Verantwoordingsorgaan, met daarbij de erkenning van ieders verantwoordelijkheid.

BEVINDINGEN EN AANBEVELINGEN

In de oordeelsvorming van het Verantwoordingsorgaan zijn de belangrijkste bevindingen en aanbevelingen:

De deelnemer centraal

Bevinding:

De lijn die het Bestuur heeft ingezet met het uitgangspunt “de deelnemer centraal” onderschrijft het Verantwoordingsorgaan volledig. Het Bestuur wil dat de deelnemers zich begrepen en geholpen voelen op de momenten die er voor de deelnemer toe doen. Dit naast het ervaren van gemak om pensioen te regelen. Het Verantwoordingsorgaan constateert dat de implementatie van deze visie stap voor stap gaat. Een voorbeeld hiervan is het toegankelijker pensioenreglement. In contact met deelnemers blijkt dat qua toon en inhoud verdere verbeteringen te realiseren zijn. Dit vraagt monitoring van de signalen en invoelingsvermogen bij de uitvoeringsorganisatie.

Het Verantwoordingsorgaan spreekt zijn waardering uit over het initiatief van ABP om via werkgevers de deelnemer beter ‘toe te rusten’. Zo zijn er bijvoorbeeld pensioenambassadeurs opgeleid die de deelnemer kunnen informeren en bij kunnen staan bij het maken van keuzes.

Uit de praktijk blijkt dat deelnemers zich vaak onvoldoende bewust zijn van het risico in hun pensioenregeling. Dit vraagt aandacht in de communicatie aan deelnemers en waar nodig een gerichte uitleg over het effect van door de deelnemer te maken keuzes.

Aanbeveling:

Het Verantwoordingsorgaan roept het Bestuur op om de kwaliteit bij de uitvoeringsorganisatie te borgen. Hierbij valt in het bijzonder te denken aan een blijvende en scherpe monitoring, het zeker stellen van kennis en het nakomen van afgesproken doorlooptijden. Het Verantwoordingsorgaan realiseert zich dat het behouden van een bepaald service niveau op gespannen voet kan staan met steeds verdere kostenreductie.

Het verhogen van risicobewustzijn en verantwoordelijkheidsbesef bij de deelnemer past in het denken van het thema “de deelnemer centraal”. Het Verantwoordingsorgaan roept het Bestuur op dit punt nadrukkelijk mee te nemen bij de verdere uitwerking van activiteiten rondom het thema “de deelnemer centraal”. Hierin past tevens de oproep van het Verantwoordingsorgaan aan het Bestuur om het Verantwoordingsorgaan na de zomer te informeren over dit en andere punten die bij het implementeren van de activiteiten in het kader van het thema “de deelnemer centraal” aan de orde zijn.

Het Verantwoordingsorgaan ziet graag dat het Bestuur zijn expertise en ervaring mede in het licht van het thema “de deelnemer centraal” productief maakt door zijn inbreng te leveren in de brede maatschappelijke discussie over het nieuwe pensioenstelsel. Het Verantwoordingsorgaan vraagt daarbij om rolvastheid van het Bestuur in lijn met eerder met het Verantwoordingsorgaan gedeelde uitgangspunten en intenties.

Jaarverslag en Jaarrekening 2018

Bevinding:

In het kader van de uitoefening van haar taak heeft het Verantwoordingsorgaan overleg gevoerd met de externe accountant en de externe actuaris. Evenzeer zijn vragen geformuleerd ter beantwoording door de compliance officer.

Het Verantwoordingsorgaan kijkt terug op een vruchtbare en transparante discussie op basis van de rapportages van de externe accountant en de certificerend actuaris. Met name is aandacht besteed aan de aanbevelingen aan het bestuur van zowel de externe accountant alsmede de externe actuaris. Evenzeer zijn in de discussie de diverse aspecten uit het jaarverslag aan de orde geweest.

Aanbeveling:

Het Verantwoordingsorgaan verzoekt het bestuur de door de externe accountant en de externe actuaris gedane aanbevelingen op te volgen en het Verantwoordingsorgaan hierin mee te nemen.

Blijvende aandacht voor spanning tussen ambitie en realisatie

Bevinding:

Het Verantwoordingsorgaan realiseert zich dat er een spanning bestaat tussen de ambitie enerzijds en de uiteindelijke realisatie anderzijds. Het Verantwoordingsorgaan constateert ook dat de dekkingsgraad aanhoudend laag blijft en de vooruitzichten op groei beperkt. Met daarnaast het al gedurende 10 jaar niet indexeren en het lage perspectief voor de deelnemers, ligt de vraag voor of het huidige beleid toereikend is om de realisatie in de richting van de geformuleerde ambitie te brengen. Is het het beleid dat de uitvoering in 2018 steeds meer doet knellen of zijn er ook andere oorzaken? Een heldere analyse van het Bestuur op de kansen om de spanningen tussen de thema’s ambitie, premie, en rendement, binnen het speelveld van de regelgeving, in harmonie met elkaar te brengen zou daarbij kunnen helpen.

Aanbeveling:

Het Verantwoordingsorgaan verzoekt het Bestuur een dergelijke analyse, inclusief concreet handelingsperspectief uit te voeren teneinde de bevindingen te delen met het Verantwoordingsorgaan en andere betrokken actoren.

Complexiteitsreductie

A.    Zo snel mogelijk afronden van de eerdere aanbeveling uit het Jaarverslag 2017 die toezag op een definitieve vereenvoudiging van de pensioenregeling van de sector Defensie

Bevinding:

Het Verantwoordingsorgaan stelt vast dat de aanbeveling uit 2017 niet is gerealiseerd. De inspanningen van het Bestuur om in overleg met het Sector Overleg Defensie te komen tot een definitieve vereenvoudiging van de pensioenregeling van de sector Defensie hebben niet tot een bevredigend resultaat geleid. Het is duidelijk dat het overeenstemmingsvereiste is voorbehouden aan het Sector Overleg Defensie en dat ABP door gebruik te maken van het instrument ‘de uitvoeringstoets’ vooraf weigert dan wel aansluit op afspraken die op de tafel van het Sector Overleg Defensie worden gemaakt. In het proces is een sfeer ontstaan, die met het uiteindelijk mislukken van de onderhandelingen het vertrouwen tussen partijen heeft geschaad. Het zoeken van de rechtsgang in een door de vakbonden aangespannen kort geding tegen het ABP laat dit zien.

Aanbeveling:

Het Verantwoordingsorgaan is zich bewust van het ‘spanningsveld’ waarin het Bestuur moet acteren. Het Verantwoordingsorgaan roept het Bestuur op om alles te doen wat in haar vermogen ligt om te komen tot de beoogde vereenvoudiging in de pensioenregeling voor militairen. Het Verantwoordingsorgaan vraagt het Bestuur het Sector Overleg Defensie te blijven faciliteren met kennis en advies, en daarbij te voorkomen dat de relatie verder verhardt.

B.    Verdergaande complexiteitsreductie bij overige regelingen

Bevinding:

De door ABP uitgevoerde pensioenregelingen zijn complex. Nog los van alle complexiteit rond de pensioenregeling voor militairen, is ook de pensioenregeling voor burgers, met zijn vele overgangsregelingen, zeer complex te noemen. Een complexe pensioenregeling is vatbaar voor fouten in de uitvoering, waaronder mede de communicatie met deelnemers. Het Verantwoordingsorgaan onderkent hier het spanningsveld tussen complexiteitsreductie enerzijds en het thema ‘de deelnemer centraal’ anderzijds. Bekend zijn de incidenten rond de AOW-partnertoeslag, afschaffing ANW-compensatie en eind 2018 de AOW-partneraanvulling (bijlage K). Het lijkt op die momenten lastig voor het bestuur om voldoende grip te houden.

Aanbeveling:

Het Verantwoordingsorgaan steunt het Bestuur in zijn zoektocht naar verdere complexiteitsreductie en verzoekt het Bestuur deze bevindingen niet alleen te delen met de Pensioenkamer maar ook met het Verantwoordingsorgaan. Mede vanwege de kans op incidenten en de daaraan gekoppelde risico’s voor ABP, herhaalt het Verantwoordingsorgaan de oproep aan het Bestuur om daadkrachtig en zorgvuldig de complexiteitsreductie ter hand te nemen. Wel vraagt het Verantwoordingsorgaan aandacht voor onevenredige (financiële) consequenties van verdergaande complexiteitsreductie voor deelnemers en verzoekt het Verantwoordingsorgaan de ingezette lijn van ‘de deelnemer centraal’ hierbij nadrukkelijk mee te wegen.

Evenwichtige belangenafweging

Bevinding:

Het Verantwoordingsorgaan heeft eerder – bij het jaarverslag 2017 – het punt van onderzoek naar de aspecten van evenwichtige belangenafweging ter tafel gebracht. Tot onze teleurstelling heeft het Bestuur de aanbeveling hierover niet overgenomen. Dit laat onverlet dat het Verantwoordingsorgaan zich realiseert dat bij elke besluitvorming door het Bestuur het aspect van evenwichtige belangenafweging één van de onderliggende bouwstenen is.

Aanbeveling:

Het Verantwoordingsorgaan vraagt het Bestuur – nogmaals - het inzicht in - en de toepassing van alle aspecten van evenwichtige belangenafweging nader te verdiepen en de resultaten van deze verdieping ultimo dit jaar te delen met het Verantwoordingsorgaan.

Hierbij past inzicht in de wijze waarop ‘doelgroepen’ in het aspect van evenwichtige belangenafweging zijn meegenomen. Naar die verdieping is het Verantwoordingsorgaan op zoek, waarbij de in november 2018 toegezegde ‘technische briefing’ als startpunt hiervoor kan worden gezien.

Relatie tussen Bestuur en Verantwoordingsorgaan

Bevinding:

Bij de start van de zittingsperiode van het nieuwe Verantwoordingsorgaan is door de nieuwe leden een opleidingstraject gevolgd. Dit traject moest de basis leggen voor een adequate rolneming en taakuitvoering door het Verantwoordingsorgaan. Het opleidingstraject heeft in februari 2019 een vervolg gekregen in een gezamenlijke opleidingsdag van Bestuur en Verantwoordingsorgaan. In diverse verbanden zijn vraagpunten bediscussieerd. In die discussies ging het met name om de vraag ‘hoe gaan we met elkaar om en wat is een ieders rol’. Daarachter lag de vraag hoe kunnen we elkaar versterken als het gaat om door het Bestuur voor te bereiden en uiteindelijk te nemen besluiten. Het betrekken van het Verantwoordingsorgaan in een voorstadium draagt daartoe bij. Het Verantwoordingsorgaan wil dat meer transparantie ontstaat in de wijze waarop het Bestuur tot een (voorgenomen) besluit komt.

Aanbeveling:

Voor het adequaat functioneren van het Verantwoordingsorgaan is er behoefte aan inzicht en diepgang in de overwegingen en de daarbij behorende onderbouwing van voorgenomen besluiten. Het Verantwoordingsorgaan vraagt het Bestuur adviesaanvragen zo aan te bieden dat deze diepgang en onderbouwing aanwezig is en daarmee een toegesneden advisering gefaciliteerd wordt. Dat bevordert een genuanceerde en productieve discussie in de overlegvergadering.

Het Verantwoordingsorgaan continueert graag de door het Bestuur voorgestelde aanpak met vroegtijdige betrokkenheid bij belangrijke besluiten. Dit veronderstelt dat het Bestuur zich open stelt voor informele suggesties van het Verantwoordingsorgaan.

Aandacht voor afdoening van incidenten

Bevinding:

Het Verantwoordingsorgaan constateert, dat het afgelopen jaar incidenten ABP negatief in de publiciteit hebben gebracht. Gelet op deze incidenten, rijst de vraag of hier geen structurele problematiek onder ligt. Als negatieve publiciteit dominant naar voren komt, doet dat de beeldvorming over en de reputatie van ABP geen goed. Voorbeelden van negatieve publiciteit waren onder andere de aandacht voor de herziening van de pensioenregeling voor militairen, het vervallen van de ANW- compensatieregeling en de terugvordering van de AOW-partneraanvulling. Het Verantwoordingsorgaan werd bij enkele van deze incidenten pas in een laat stadium geïnformeerd. Dit staat naar haar mening op gespannen voet met het informatierecht van het Verantwoordingsorgaan. Genoemde incidenten en de aanpak daaromtrent roepen de vraag op of het Bestuur voldoende grip heeft op de afdoening van incidenten (incidentenmanagement). Die vraag spitst zich toe op de rolneming van het Bestuur in de richting van zijn uitvoeringsorganisatie APG op het moment dat een (groter en publicitair gevoelig) incident aan de orde is.

Aanbeveling:

Het Verantwoordingsorgaan adviseert het Bestuur de manier waarop samengewerkt wordt met APG op dit punt opnieuw te beschouwen. Het doel moet daarbij zijn dat het Bestuur in geval van calamiteiten/incidenten op een zodanig vroeg tijdstip wordt geïnformeerd dat het Bestuur kan borgen dat de communicatie en uitvoering daarvan naar deelnemers beter, persoonlijker en empathischer wordt. Het ‘communiceren’ met gevoel voor de deelnemer past bij de gedachte achter ‘de deelnemer centraal’, waarbij gedacht wordt vanuit het perspectief van de deelnemer en de bureaucratie wordt geminimaliseerd.

Een tweede aanbeveling raakt de wenselijk geachte, grondige herziening van het beleid rondom een crisis/incident. Hierbij passen uitgangspunten en grenswaarden voor het opschalen van de aanpak van een incident naar de aanpak van een crisis. Het Verantwoordingsorgaan verzoekt het Bestuur vóór 1 juli 2019 het aangepaste beleid rond crisis-communicatie met het Verantwoordingsorgaan te delen, en daarbij aan te geven op welke wijze de deelnemer hierbij centraal gesteld wordt.

In het licht van de incidenten uit de afgelopen periode past het om de getrokken lessen over de mogelijke verbetering bij een incident/crisis te betrekken bij de uitwerking van deze aanbevelingen. Een meer structurele inbedding van het lerend vermogen van het Bestuur wordt daarmee bereikt. Het Verantwoordingsorgaan verzoekt te worden geïnformeerd over de reflectie op de incidenten met inbegrip van de werkwijze van de uitvoeringsorganisatie, de aansturing van de uitvoeringsorganisatie en de relatie ABP-APG.

Beleggingen en Duurzaamheidsbeleid

Bevinding:

In 2018 is het behaalde rendement -2,3%. Het rendement over de afgelopen 15 jaar is gemiddeld 6,6% en draagt daarmee desondanks bij aan de doelstellingen van het fonds. Het Verantwoordingsorgaan is blij met de toezegging van het Bestuur om het Verantwoordingsorgaan mee te nemen in het tot stand komen van de risicohouding en het nieuwe duurzaamheidsbeleid. We constateren meer proactieve communicatie op het gebied van duurzaamheid. In het duurzaamheidsbeleid ligt tot nu toe een grote nadruk op milieu en goed bestuur en in mindere mate op sociale aspecten van duurzaamheid. Het Verantwoordingsorgaan signaleert dat ABP belegt in de winning van omstreden vormen van fossiele grondstoffen zoals teerzand, schaliegas en steenkool. ABP kiest bij het toetsen van effecten van duurzaamheidsbeleid veel voor eigen methodieken zoals het insluitingsbeleid. Hierdoor zijn de effecten moeilijk te vergelijken met andere pensioenfondsen. Dit vraagt dat er uitgebreider verantwoording moet worden afgelegd over dit beleid. Hedgefunds worden niet langer als aparte categorie beschouwd. Hierdoor wordt er niet meer automatisch verantwoording afgelegd over de kosten en baten van deze beleggingsmethodiek.

Aanbeveling:

Het Verantwoordingsorgaan vraagt aandacht te besteden aan de verdeling tussen actief en passief beleggen en in dit kader de risicobeheersing te monitoren.

Het Verantwoordingsorgaan vraagt ook aandacht voor de sociale kanten van het duurzaamheidsbeleid door bijvoorbeeld engagement op arbeidsvoorwaarden en belastingontwijking. Daarnaast vraagt het Verantwoordingsorgaan om een vermindering van omstreden beleggingen in fossiele grondstoffen zoals teerzand, schaliegas en steenkool.

Het Verantwoordingsorgaan roept het bestuur op verder te gaan met het transparant verantwoorden van engagementbeleid. Hierbij is belangrijk inzichtelijker te maken hoe voortgang gemeten wordt en welke vooruitgang er wel en niet geboekt wordt. Ook vraagt het Verantwoordingsorgaan de kosten en baten van hedgefunds inzichtelijk te maken. Hierbij past ook een helder beeld hoe investeringen via hedgefunds in lijn zijn met het ABP-beleid.

Affinanciering VPL

Bevinding:

Het Verantwoordingsorgaan constateert dat op het punt van de VPL regeling (ook wel Voorwaardelijk Pensioen) een risico bestaat dat bij het beëindigen van de regeling in 2022 er onvoldoende middelen aanwezig zijn (gereserveerd).

Aanbeveling:

Het Verantwoordingsorgaan verzoekt de ontwikkeling van gereserveerde middelen te monitoren met als doel een sluitende afrekening in 2022. Zodra gesignaleerd wordt dat dit doel niet wordt gehaald, roept het Verantwoordingsorgaan het bestuur op hierover in contact te treden met sociale partners.

OORDEEL

Op grond van de eigen bevindingen, de bevindingen van de externe accountant, extern actuaris, compliance officer en Raad van Toezicht, oordeelt het Verantwoordingsorgaan positief over het handelen van het Bestuur inzake het gevoerde beleid, de gemaakte beleidskeuzes en de naleving van goed pensioenfondsbestuur.

REACTIE BESTUUR OP HET OORDEEL VAN HET VERANTWOORDINGSORGAAN

Het bestuur heeft met belangstelling kennis genomen van de bevindingen en aanbevelingen van het Verantwoordingsorgaan. Het bestuur dankt het Verantwoordingsorgaan voor het uitgebrachte positieve oordeel over het gevoerde beleid in 2018. De aanbevelingen van het Verantwoordingsorgaan worden door het bestuur meegenomen in de uitvoering van zijn werkzaamheden in 2019

Tot slot dankt het bestuur het Verantwoordingsorgaan voor zijn inzet, de constructieve samenwerking en de grote betrokkenheid van zijn leden. Een speciaal wordt van dank aan de nieuwe leden voor hun inzet en betrokkenheid tijdens de drukke inwerkperiode. Het bestuur ziet uit naar een verdere uitbouw van de relatie in 2019.

4.3.1